Fiscaal voordeel voor kinderen ten laste en domicilie van de kinderen.
Fiscaal voordeel voor kinderen ten laste en domicilie van de kinderen. Hoe zit het nu?
Boeiende rechtspraak van het hof van beroep te Luik (Hof Luik 20 december 2024, www.juraportal.be). De discussie ging over een overeenkomst tussen een ex-koppel met twee kinderen. De ouders hadden een akkoord bereikt om de huisvesting van de kinderen gelijkmatig over hen te verdelen. De kinderen waren gedomicilieerd bij hun moeder. Het fiscaal voordeel voor de kinderen ten laste werd geheel aan vader toegekend. Dit akkoord werd bekrachtigd door de familierechter.
Toen de vader zijn aangifte in de personenbelasting deed, vulde hij in dat hij 2 kinderen volledig fiscaal ten laste heeft. De Administratie was het hier niet mee eens en bracht dit aantal terug naar ‘0’, waardoor de vader geen aanspraak kon maken op de toeslagen voor de twee kinderen. De vader vocht dit aan, verwijzend naar het door de familierechter bekrachtigde akkoord, en claimde de volledige toeslagen voor de twee kinderen. Hoewel hij aanvankelijk steun vond bij de rechtbank van eerste aanleg te Luik, kreeg hij geen gelijk bij het hof van beroep.
Hoezo, niet?
Het hof van beroep te Luik stelt dat er slechts twee mogelijkheden zijn bij een gelijkmatig verdeelde huisvesting van de kinderen: ofwel wordt de volledige toeslag toegekend aan de ouder bij wie het kind gedomicilieerd is, ofwel wordt de toeslag gelijk verdeeld tussen beide ouders. Een volledige toekenning van de toeslag aan de ouder bij wie het kind niet gedomicilieerd is, is niet mogelijk.
Domicilie als vermoeden
Het hof concludeerde dat de fiscale co-ouderschapsregeling niet van toepassing kon zijn omdat de ouders daarover geen akkoord hadden (uiteraard niet, dat wilden ze namelijk niet). Daarom moest worden teruggevallen op de hoofdregel: de volledige toeslag wordt toegekend aan de ouder van wiens gezin de kinderen deel uitmaken op 1 januari van het aanslagjaar en dit overeenkomstig artikel 136 WIB 1992. In dit geval was dat de moeder, aangezien de kinderen op die datum bij haar gedomicilieerd waren. Het hof erkent dat uit deze domiciliëring slechts een vermoeden kan worden afgeleid dat de kinderen deel uitmaakten van haar gezin. Maar, aangezien het verblijf van de kinderen gelijkmatig was verdeeld kon het verblijf niet overtuigen om het vermoeden om te keren en te oordelen dat de kinderen hoofdzakelijk deel uitmaakten van het gezin van de vader.
Van wiens gezin maken de kinderen hoofdzakelijk deel uit?
De toeslagen op de belastingvrije som voor kinderen ten laste worden normaal gesproken toegekend aan één ouder. Als de ouders niet meer samenwonen, wordt de toeslag toegekend aan de ouder van wiens gezin de kinderen deel uitmaken op 1 januari van het aanslagjaar en dit overeenkomstig artikel 136 WIB 1992. Van wiens gezin de kinderen deel uitmaken, wordt beoordeeld aan de hand van een geheel van feitelijk gegevens. Vaak hecht men dan een groot belang aan het domicilie, hoewel dit geen exclusief beoordelingselement is, ook verblijf of zorgtaken die een ouder opneemt, kunnen in rekening gebracht worden.
Domicilie als element van beoordeling
Mag de fiscus het domicilie van een kind zonder meer koppelen aan het fiscaal ten laste zijn van dat kind? Eerder al schreven wij in ons boek dat de rechtsgrond daarvoor ontbreekt. Het domicilie van het kind zou niet doorslaggevend mogen zijn. Er moet feitelijk beoordeeld worden welke ouder de belangrijkste lasten van het kind draagt. Deze ouder zou dan het kind fiscaal ten laste kunnen nemen, ook al is het kind gedomicilieerd bij de andere ouder. De belastingplichtige moet dan het vermoeden van ten laste zijn bij de ouder bij wie het domicilie geplaatst is, weerleggen. Bij bepaalde ongelijkmatig verdeelde verblijfsregelingen is dat niet zo moeilijk om aan te tonen. Als het kind zijn domicilie heeft bij de ouder die 2 dagen op 14 dagen voor het kind zorgt, kan het vermoeden redelijk gemakkelijk weerlegd worden.
Choose your battles
Toch adviseerden we toen al om het als ouders niet te complex te maken. Het heeft weinig zin om uiteindelijk gelijk te krijgen in een procedure tegen de fiscus nadat men daar jaren juridische strijd en kosten tegenaan heeft gegooid. In de praktijk is het wat ons betreft beter om op veilig te spelen en het domicilie en het fiscaal ten laste zijn van het kind bij dezelfde ouder te plaatsen. Minstens moeten ouders gewaarschuwd worden voor het risico van een discussie met de fiscus. Het recent arrest van het hof van beroep in Luik stelt dit alweer duidelijk.
Ouders willen soms het domicilie van een kind bij hen om emotionele redenen (zonder dat de kinderen werkelijk deel uitmaken van hun gezin) en dat is begrijpelijk, toch moet gezegd dat elke aangifte bij de bevolkingsdiensten van de plaats waar een persoon zijn woonplaats gevestigd heeft, waarheidsgetrouw moet zijn. Het is ook om die reden niet zinvol om het domicilie en de werkelijke verblijfplaats van een kind niet te laten overeenstemmen.

Wij zijn Vera en Nele. Twee enthousiaste juridische experts die hun jarenlange ervaring en kennis met jou willen delen. Als gepassioneerde professionals hebben we een diepgewortelde passie voor het scheidingsrecht en streven we ernaar om anderen te helpen in hun cariëre.
Naast het advies in deze Blog organiseren we opleidingen, bieden we modeldocumenten aan en voorzien hulpmiddelen om te groeien als scheidingsprofessional.
